
door Raymond R. Hausoul – Met Nieuwe hoop op vrede leveren Taysir Abu Saada en Emanuel Shahaf een opmerkelijk en grondig doordacht boek af over het Israëlisch-Palestijnse conflict. Hun samenwerking alleen al geeft gewicht aan hun pleidooi. Abu Saada was in zijn jonge jaren betrokken bij de Palestine Liberation Organization en diende als chauffeur van Yasser Arafat. Shahaf diende in de Israëlische luchtmacht en werkte later voor de Mossad. Twee mannen die ooit tegenover elkaar stonden zoeken nu samen naar een rechtvaardige toekomst.
Wat dit boek zo sterk maakt is de nuance. In een internationaal debat dat vaak wordt beheerst door harde slogans en ideologische loopgraven, kiezen de auteurs voor een zorgvuldige analyse. Zij laten zien hoe beperkt de gangbare denkkaders zijn. De tweestatenoplossing wordt vaak als enig moreel aanvaardbaar alternatief gepresenteerd, terwijl anderen juist pleiten voor volledige annexatie. Beide posities gaan volgens de auteurs voorbij aan de weerbarstige werkelijkheid.
Juist voor christenen is dit boek confronterend. In veel christelijke kringen wordt het conflict sterk versimpeld. Men kiest partij voor Israël vanuit een theologisch schema en luistert vrijwel uitsluitend naar één politiek ideologische Joodse stroming, doorgaans de zionistische. Andere Joodse stemmen die eveneens vanuit Bijbelse overtuiging spreken, maar tot andere conclusies komen, worden zelden gehoord. Daarmee ontstaat een eenzijdig beeld dat niet alleen politiek maar ook geestelijk problematisch is.
De auteurs maken duidelijk dat bijbelse taal gemakkelijk kan worden ingezet als wapen in plaats van als bron van waarheid en gerechtigheid. Zij vermijden religieuze polemiek en nodigen uit tot eerlijk luisteren. Dat is verfrissend, omdat veel discussies binnen christelijke kring verder afstaan van de complexe werkelijkheid dan men beseft. Wie werkelijk vrede zoekt, kan zich niet verschuilen achter simplistische theologische slogans.
Het boek belicht bovendien aspecten van het conflict waar zowel christenen als niet-christenen vaak geen oog voor hebben. De diepe verbondenheid met het land leeft niet alleen onder Joden, maar evenzeer onder Palestijnen, ook onder hen die in Israël wonen. Omgekeerd ervaren Joden in de betwiste gebieden een even sterke historische en emotionele band. Daarnaast bespreken de auteurs de economische ongelijkheid, politieke spanningen en wederzijdse angst die het conflict voeden.
Bijzonder is hun herwaardering van het idee van een binationale staat of federatie. Dat voorstel heeft historische wortels. Denkers als Martin Buber en Judah Magnes pleitten er al voor. Ook David Ben-Gurion stond aanvankelijk open voor een federatief model, dat destijds door de Verenigde Naties werd afgewezen. De auteurs laten zien dat dit spoor nooit volledig is verdwenen en opnieuw serieus doordacht kan worden.
Nieuwe hoop op vrede is daarom meer dan een politiek boek. Het is een oproep tot intellectuele eerlijkheid en geestelijke nederigheid. Vooral christenen die menen duidelijk te weten hoe het zit, zullen worden uitgedaagd hun vanzelfsprekendheden te heroverwegen. Het boek verdient brede aandacht van iedereen die niet alleen een mening wil hebben over dit conflict, maar werkelijk ruimte wil maken voor een rechtvaardige en duurzame vrede.
Taysir Abu Saada & Emanuel Shahaf, Nieuwe hoop op vrede (Gideon, 2025, 320 blz.)